|
In de vallei van de Reutelbeek
te Zonnebeke, één van de mooiste valleitjes van de gemeente, vlak naast
het Polygonebos, spoot een landbouwer uit Vleteren in april drie
bloemrijke natte weiden dood met totaalherbicide. De oranje percelen
waren duidelijk te zien vanaf de A19. Inmiddels is de boel ook
gedraineerd. Hij had de percelen recent gekocht in de veronderstelling
dat alles er mag en kan, want het is agrarisch gebied op het
gewestplan. Het gaat weliswaar over 'landschappelijk waardevol
agrarisch gebied', maar juridisch betekent dit toch niet veel. In
groengebieden zou hiervoor een natuurvergunning nodig zijn, in
agrarisch gebied dus niet. En zo verliezen we nog altijd heel
waardevolle natuur aan 'de vooruitgang' zonder dat we dit juridisch
kunnen tegenhouden.
De weiden in die vallei waren
het hele jaar door zompnat. Ze stonden vol pinksterbloem, veldrus,
egelboterbloem, moeraswalstro en wie weet welke schaarse moerasplanten
nog allemaal. Het is helaas niet meer te achterhalen… De knotwilgen
zijn wel geknot maar niet meer uitgelopen. Ook toevallig??
Wat blijft er nog over van het
'landschappelijk waardevol agrarisch gebied' als het allemaal saaie maïs-
of bloemkoolakkers worden? Dit zijn letterlijk en figuurlijk parels
voor de zwijnen… Het slijk der aarde, de verwoeste gewesten, de taktiek
van de verschroeide aarde, er is toepasselijke beeldspraak genoeg.
Ook voor de waterhuishouding is
het behoud van die natte percelen goud waard. Amper een kilometer
verderop legt de provincie een bufferbekken aan op de Scheriabeek, een
zijbeekje van de Reutelbeek. Dit kost al snel honderdduizenden euro's
van uw belastinggeld! De Reutelbeek zelf is geherprofileerd tot een
roetsjbaan voor het gedraineerde regen- en kwelwater, dat nu nergens
meer wordt opgehouden. Ook de erosie heeft vrij spel. De nog mooie
weide ernaast is met wat grondoverschot ook deels geëffend, weer een
'natte zak' weggewerkt. Een andere landbouwer is in de vallei van de
Scheriabeek, ja die van het bufferbekken, aan de slag om depressies in
een glooiende akker op te vullen. Een klein verschil, maar het ís een
verschil. Dat zijn ook de plekjes waar lijsters of amfibieën in droge
periodes toch nog voedsel (wormen, slakken, …) kunnen vinden. En zo
gaat dat maar door, beetje bij beetje, en niet enkel in Zonnebeke. Een
andere mode is het herzaaien van oude vochtige graslanden. Zo'n
voorbeelden zijn te zien nabij het eerste rond punt in Ieper als je van de A19 komt. Waar vroeger
Spreeuwen, lijsters en Kieviten naar wormen zochten, grazen nu ongewenste Canadese en
Nijlganzen van het vette raaigras.
Een
landschap krijgt de soorten dat het verdient…
Vanuit De Bron willen wij met
klem protesteren tegen de vernietiging van die kleinschalige maar
waardevolle natuur. Het agrarische gebied mag niet verworden tot een
ecologische woestijn, waar natuur niets te zoeken heeft. De landbouw
heeft trouwens de natuur nodig: voor water, voor bestuivende insecten,
voor de predatoren van hun plagen, en ga zo maar door. Los van de
landbouw heeft de overgrote meerderheid van de bevolking nood aan
aantrekkelijke landschappen om te genieten en te ontspannen. Meer en
meer landbouwers zien in dat dit zo is, maar hun
sectorvertegenwoordigers spreken vaak een andere taal, uit economisch
egoïsme. Er zou een actief beleid moeten komen waarbij landbouwers
kunnen uitgeruild worden als ze dergelijke percelen met natuurlijke
handicaps willen overdragen naar een natuurgericht beheer.
De Verenigde Naties
beklemtoonden het onlangs nog in de pers: het is véél duurder om natuur
(terug) te creëren uit ander grondgebruik dan om de bestaande natuur te
beschermen. Het lijkt ons een vorm van 'goed bestuur' om de zaken op
zo'n manier aan te pakken.
|

gedraineerde weide – © Olivier Dochy

opgehoogde
depressie – © Olivier Dochy
|